Morriën

morrienIk was 15 toen ik de poëzie ontdekte – we laten de verschrikking van het uit het hoofd moeten reciteren van Gezelles ‘Boerke Naas’ op 12 jaar & eventuele vroegere kinderrijmen buiten beschouwing.
Je had toen in de bib van Turnhout, als je de balie waar je eerder ontleende boeken weer binnen bracht voorbij ging, drie opties:
Links was de kinder- en jeugdafdeling.
Rechtdoor was de discotheek – vinyl nog in die dagen.
Rechts was “de grote bibliotheek” waar je vanaf, ik geloof, 12 jaar (ook) boeken mocht ontlenen.
Je liep de grote bibliotheek binnen door een dubbele glazen deur.
Onmiddellijk rechts was een infobalie & stonden meterslange fichebakken naast elkaar.
Liet je die links liggen & liep je een meter of 10 à 15 rechtdoor dan stuitte je op de afdeling poëzie.
Die bestond uit (slechts) 4 wandjes bundels.
Hoewel ik in die eerste ontdekkende maanden – de bib werd (bijna) wekelijks bezocht – ongetwijfeld ook andere dichters en bundels gelezen moet hebben – ik herinner me de Oostakkers gedichten, maar dat kan ook later geweest zijn – had ik (toen al) een uitgesproken voorkeur voor Deelder; De Zwarte Jager, Sturm und Drang, Junkers 88 & Portret van Olivia de Havilland heb ik tig keer ontleend.
Maar ook naar Adriaan Morriëns “Avond in een tuin” bleef ik keer op keer, ook jaren later nog, teruggrijpen.
Als ik me hier & nu probeer voor de geest te halen wat me precies in die dichters & bundels aantrok, dan kan ik dat voor Deelder heel duidelijk benoemen.
Voor “Avond in een tuin” kan ik me daar helemaal niks meer bij voorstellen.
Maar misschien morgen/binnenkort weer wel.
Bol.com – ik bestel daar principieel geen titels tenzij A/ werkelijk nergens anders vindbaar of B/ bij allerhoogste hoogdringendheid, maar dankzij een fijn bonussysteem van mijn werkgever waarbij collega’s elkaar een pluim op de hoed kunnen steken, had ik daar wat geschenkbonnen te besteden – leverde vanmiddag zijn Verzamelde Gedichten.
En daar kruip ik dadelijk mee in bed.
“Avond…” zal er als eerste aan moeten geloven.

Advertenties