een pythagoreïsche reiziger

9200000005290983

wakker geworden in nooit eerder gezien licht
de deur van mijn verblijf spiegelde
een beeld waarvan ik niet durfde hopen het ooit nog te zien
wolken uit mijn kindertijd, wolken van god
die de voeten van jezus christus ondersteunden
toen die de kwast van raphaël opliep.

de jongeren op hun motorfietsen kijken niet op
of schreeuwen niet: de wolken, de wolken!
ze zijn er altijd – mediterane aria’s
die snel en met verschrikkelijke rust aanzwellen.
kennen zij mij? weten zij dat ik hier ben,
krabbelend terwijl zij weer uit elkaar vallen?

de maan komt op, gevuld met maanbloed
getrokken uit italiaanse luchten. het was hier dat byron
zijn tulband aflegde en zijn lokken uitschudde
terwijl meeuwen in de zee plonsten. de maan
kende haar rivaal en hing als een ornament
aan het oor van een heldere goddelijkheid die de lippen tuitte
en stevig uitblies; de wolken van san remo.

ik zal hier blijven zitten tot de dageraad over de ruggengraat
van de sterren struikelt, een pythagoreïsche reiziger
die nog een numeriek stelsel verzint, muziek aan zijn schouder
toevoegt die niet gehoord maar verkegen werd.

schoonheid slechts is niet onsterfelijk.
het is het antwoord, een taal van cijfers,
noten, en penseelstreken die er vandoor gaan op een strijdros van wolken –
de gekneusde bulten van fantastische walvissen.
wolken uit mijn kindertijd. wolken van god
overgoten met roze, violet, en goud.

[naar ‘a pythagorean traveler’ uit ‘auguries of innocence’ van patti smith]